Verhalen

Zwarte vrouwen naakt nederlandse porno hd

Vrijdag 1st, Oktober 2018 9:0:9 Am
[BANCHOR] kietelen gratis
Stuur een gratis bericht
naar UgurKuveloglu
Offline
UgurKuveloglu
  • 29 jaar Vrouw, Schorpioen
  • Haren, Netherlands
  • Frans(Bekwaamheid), Japans(Gemiddeld)
  • Meteoroloog, Viroloog, Diplomaat
  • ID: 3484929762
  • Vrienden: maurobertoli, Jordan0159, jdearborn
Persoonlijke gegevens
Geslacht / Vrouw
Kinderen / 1
Hoogte / 184 cm
Status / Getrouwd
Onderwijs / Eerste
Roken / Ja
Drinken / Ja
Contacten
Naam / Lillian
Bekeken: / 7747
Telefoon: / +312468-698-12

Beschrijving:

Beyoncé en Jay-Z gaven met hun clip in het Louvre al een voorzetje: laten we het eens hebben over de zwarte figuren in westerse kunst.

Dat is precies wat  twee tentoonstellingen in Parijs  nu doen, op een totaal verschillende manier. Soms is iets onzichtbaar, ook als het recht voor je neus staat. De kunst is ervan vergeven. Een zwarte bediende in een familieportret. Een slavin naast een koopman. Een bediende van een witte courtisane. Natuurlijk zijn ze er wel. Maar ook weer niet; als je de beschrijvingen van kunstwerken in sommige musea en boeken leest, zou je soms denken dat ze niet bestonden.

Als alle personen worden geduid en beschreven wordt op een schilderij behalve die ene donkere persoon, dan wordt die ene langzaam onzichtbaar. Wel afgebeeld, niet opgemerkt. Het staketsel van de Westerse kunstgeschiedenis dat sinds de 19de eeuw is gebouwd, bibliotheken en musea vol, heeft sommige mensen eruit gefilterd. Dat ging heel subtiel, door aandachtsberoving. Maar het tij is aan het keren. Er ontstaan nieuwe perspectieven op oude meesters, waardoor onder andere de aanwezigheid van de zwarte mens in de Westerse schilderijen in het licht komt.

Voor een snelle blik op de zwarte aanwezigheid in de Westerse kunst, bekijk het mooie blog Medieval People of Color van de Amerikaanse Melisha Dewalt op Tumblr en Twitter. In de details laat ze zwarte heiligen, de vele koning Balthasars uit Driekoningenvoorstellingen, en vele naamloze slaven en bedienden zien.

Met secuur archiefonderzoek werd zoveel mogelijk achterhaald over hun identiteit én wordt nauwkeuriger gekeken naar hun betekenis in de voorstelling. Nu sommigen een naam hebben gekregen, zijn zij ook rolmodel voor de vrije zwarte burgers in de Franse samenleving net na de afschaffing van de slavernij.

Zoals Madeleine. Bij de entree van de tentoonstelling hangt ze pal tegenover de twee originele verklaringen van de afschaffing van de slavernij. Twee, omdat eerst in de slavernij werd afgeschaft in Frankrijk, toen Napoleon de boel kwam terugdraaien in , waarna er in pas definitief een einde aan de slavernij kwam. Madeleine werd geschilderd als vrije Franse burger in Hier in de tentoonstelling is Madeleine een icoon, en terecht.

Het is een historisch monument; de uit Guadeloupe afkomstige vrouw kijkt ons recht aan, in een lege, lichte ruimte. Ze draagt kleding in drie kleuren, het rood, wit en blauw van de Franse vlag; een symbolisch beeld van vrijheid.

Ze is half gekleed, wat wij nu als exotiserend zouden kunnen beschouwen - waarom tieten in een waardig portret? De vrouw die haar schilderde, de adellijke Marie Guillemine Benoist, was haar werkgeefster. Beide kregen niet veel aandacht in de geschiedenis. En nu is er grond voor erkenning. Portret van Madeleine, geschilderd door Marie Guillemine Benoist in Die grond werd gecreëerd door een aantal nieuwe kunsthistorici, zoals Denise Murrell en Isolde Pludermacher die deze tentoonstelling maakten.

Maar zonder twijfel ontstond het draagvlak ook vanwege de aandacht in de popcultuur: toen supersterren Beyoncé en Jay-Z vorig jaar de video van het nummer Apeshit uitbrachten, die in het diepste geheim was opgenomen in het Louvre, was Madeleine het laatste portret dat gefilmd werd. Hun video benadrukte zwarte aanwezigheid in oude kunst en werd miljoen keer bekeken.

De bezoekcijfers van het Louvre stegen naar een record van ruim 10 miljoen, twee miljoen meer dan het jaar ervoor. Het droeg bij aan een nieuwe blik op ons gedeeld verleden, zoals ook het succes van zwarte hedendaags kunstenaars — Kehinde Wiley, Kara Walker, Kerry James Marshall, Amy Sherald enzovoort, bijdraagt. Nieuwe tentoonstellingen komen ons tegemoet als resultaten van deze onderzoeken.

In het Mauritshuis is bijvoorbeeld nu een tentoonstelling over het verleden van de stichter van het huis, de Hollandse slavenhandelaar Johan Maurits. In het Rembrandthuis komt volgend jaar de tentoonstelling Zwart in de tijd van Rembrandt, het Rijksmuseum opent dan een slavernijtentoonstelling — en eerder waren er al tentoonstellingen als African presence in Renaissance Europe in Baltimore en Princeton en Black is Beautiful in Amsterdam. Het poseren was niet te doen voor het model, gaf de kunstenaar toe.

Een vréselijke houding om te moeten volhouden, de ene arm omhoog, de andere gekromd, leunend op een knie terwijl het rechterbeen met vreemd ingedraaide voet gestrekt is. Het was allemaal strikt voorgeschreven. Toch kijken we naar een glashelder schilderij van een zwarte man, met kleuren zo fel als de hemel op een wolkenloze zomermiddag en twee rake losse handen in de ruimte erbij. En vooral naar een veelzeggend document: dit is het model Joseph, geschilderd door een kunstenaar van gemixte achtergrond; Théodore Chassériaus moeder kwam uit Saint-Domingue, de huidige Dominicaanse Republiek.

Zwarte man schildert zwarte man in een Franse koloniale samenleving, waar op dat moment de slavernij nog niet was afgeschaft. Joseph, namelijk, is misschien wel de belangrijkste ontdekking in de tentoonstelling; er zijn zo veel kunstwerken met hem dat je hem echt lijkt te leren kennen.

Hij was het meest geliefde en beste zwarte model voor vele kunstenaars. Een prachtige man, in alle ateliers van Parijs geliefd. Van Délacroix tot Géricault — die hem ook uitbeeldde op zijn beroemde Vlot van Médusa — tot aan een prachtig ontspannen portret van Adolphe Brune dat in de Salon van hing, waar hij lachend een schaal naar zijn mond brengt. Joseph werd minstens 74 jaar en zijn carrière beslaat bijna de hele eeuw waarin Frankrijk zich op een nieuwe manier tot de koloniën en hun bevolking ging verhouden.

De vraag naar Joseph was zo groot dat hij als professioneel model Joseph op de loonlijst stond van de Parijse École des Beaux Arts. Toch wringt er iets aan het verhaal van dit werk. De schilder Ingres was de opdrachtgever; degene die die onmogelijke houdingen precies had voorgeschreven. Op een schetsje van Ingres in de tentoonstelling is te zien waarvoor dit bedoeld was: Joseph zou Satan gaan voorstellen op een schilderij van de verleiding van Christus in de woestijn.

De duivel die van de rots valt. Maar dat wist Chassériau niet. Die had alleen de opdracht gekregen Joseph in deze houding te schilderen, als voorschets. De verschillen tussen de kunstenaars waren groot. Ingres had nul interesse in de slavernij. Natuurlijk krijgt een schilderij dat de kunstenaar zelf Olympia heeft genoemd geen nieuwe naam. En nee, dat het zwarte model Laure heette, was ook niet onbekend.

Het spectaculaire is dat ze nu eindelijk pas de aandacht krijgt die er nooit voor haar was. We leren haar een stuk beter kennen in deze tentoonstelling, voor het eerst krijgt zíj alle aandacht. Op een kleine voorschets voor Olympia tekende Manet Laure met een gearceerd gezicht; een snelle, nogal onbeholpen manier om te laten zien dat hij een donker model voor ogen had.

En dan is er het notitieblokje van Manet dat naast het schilderij ligt. Ze hebben allemaal een naam, en het museum wil de geschiedenis corrigeren en die namen weer noemen. Voor de conservatoren een schat, zo konden ze achterhalen wie Laure was. Ze vonden haar in de archieven op dit adres, wonend met andere vrouwen boven een winkel. Laure was naast model ook verpleegster. Manets doorbraak in artistiek opzicht met dit werk is dat Laure en Victorine zoals het model dat de courtisane Olympia verbeeldt, heet afgebeeld zijn in een typisch moderne Parijse omgeving.

Er is niks exotiserends of erotiserends aan Laure. Ze is netjes gekleed en speelt bediende en bemiddelaar voor de klant die met een bos bloemen entree tot Olympia vraagt. In de loop van de eeuw dat de slavernij werd afgeschaft in Frankrijk — eerst in , en na de herinvoering door Napoléon definitief in — werden de verhoudingen opnieuw bepaald. Er ontstond een zwarte gemeenschap in Frankrijk en er kwamen gemengde huwelijken. Zwarte mensen professionaliseerden zich.

Aan de andere kant ontstond er van de weeromstuit een nieuwe beweging: wetenschappelijk racisme. Het was alsof, nu de slavernij niet meer mocht, toch even een veronderstelde hiërarchie tussen de rassen moest worden verklaard. Naar gezichtsvormen, met schedelmetingen, naar huidskleur, temperamenten, naar emoties — vakgebieden als eugenetica en frenologie probeerde het ordenen van de menssoorten wetenschappelijk respectabel te maken en, heel raar, daar kwam altijd uit de witte Europeaan net wat slimmer en beschaafder was.

Sommige kunstenaars werkten fanatiek mee om deze onderzoekers van tekeningen te voorzien, andere kunstenaars moesten er niks van hebben. Charles Cordier beschouwde zijn eigen werk als een revolte tegen de slavernij. Hij laat de andere kant van deze interesse in mensverschillen zien, met zeer individuele portretten van mensen afkomstig uit de koloniën die de grote diversiteit van de mens tonen. Met succes, zijn beeld van de voormalige Soedanese slaaf Saïd Enkess werd bijvoorbeeld direct gekocht door de Britse koningin Victoria voor haar kunstcollectie.

De oorspronkelijk Britse beeldhouwer Herbert Ward raakte een paar decennia later zo onder de indruk van de Congo, toen hij er woonde, dat het zijn hele verdere carrière bepaalde. Zijn antropologische beelden benoemen in de titel meestal heel specifiek waar de modellen vandaan komen, zoals een inheemse man uit Soedan of het meisje Bâ Kongo.

Als je de titel leest, lijkt dat nogal achterhaald. Oriëntaals, was dat niet een woord dat meer zegt over de Westerse blik op het Oosten dan over dat Verre Oosten zelf? Moesten we dat niet een keertje loslaten? Wie de tentoonstelling binnenloopt, gaat het begrijpen. Hier is de nadruk gelegd op de fantasie die Franse kunstenaars creëerden van een Oosterse werkelijkheid.

Een geromantiseerd en vaak met seksualiteit beladen beeld waaraan hardnekkig werd vastgehouden, óók als kunstenaars zelf op reis gingen naar Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Harems, hammams, slavinnen en vrouwen die zo uit Nacht lijken weggelopen. Musée Marmottan pakt het slim aan: ze geeft bij elk schilderij uitleg, wat klopt met de werkelijkheid, wat kwam voort uit de fantasie en waardoor kwam dat?

Kunstenaars hadden bijvoorbeeld grote interesse in het licht en de architectuur van het Oosten, die ze meestal heel waarheidsgetrouw afbeeldden. Renoirs Ravijn van de wilde vrouwen is een fantastisch, los geschilderd landschap in Algerije de wilde vrouw in de titel blijkt een legende te zijn, gecreëerd door Franse kolonisten , Theo van Rysselberghe had een obsessie met de architectuur van Marokko, Paul Klee met de kleuren in Tunesië.

Islamitische kunst was een hype, waardoor je onder meer de tegelpatronen van het Topkapi paleis in Istanboel in verschillende werken tegenkomt. Maar tegelijk blijft een fantasie overeind, deels gebaseerd op de verhalen van Nacht, die toen razend populair waren, gemengd met een romantische nostalgie naar de Griekse oudheid. Zo confronteren deze tentoonstellingen ons op een eigen manier met hoe onze aandacht werkt: we zien wat we kennen, en wat we graag willen zien.

Er volgde een eindeloze reeks haremvrouwen. Het blijft een Frans perspectief.

Neem contact met ons op Privacy
Copyright © 2018-2020 kermismiddelburg.nl